Arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV)

AOV.jpgIn een aantal gevallen bieden sociale verzekeringswetten geen volledige inkomensgarantie in geval van arbeidsongeschiktheid. Dit geldt voor zelfstandige ondernemers, directeuren grootaandeelhouders (DGA) en werknemers voor het excedent van de loondoorbetalingsverplichting. Hiervoor kent men de arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV).

De AOV is onderverdeeld in een tweetal rubrieken:
Rubriek A waarop het eerste jaar van de arbeidsongeschiktheid is verzekerd
Rubriek B waarop de periode daarna is verzekerd tot de overeengekomen einddatum van de verzekering. Het is gebruikelijk dat maximaal 80% van het inkomen wordt verzekerd. 

Rubriek A dekt het eerste jaar van de arbeidsongeschiktheid. De verzekerde is volgens rubriek A arbeidsongeschikt indien hij of zij voor tenminste 25% ongeschikt is, door medisch vast te stellen gevolgen van ongeval of ziekte om het eigen beroep uit te oefenen. De uitkering vangt aan na afloop van een wachttijd. De lengte van wachttijd (of eigen risico-termijn) is afhankelijk van de keuze die verzekerde heeft gemaakt bij het sluiten van de verzekering.

Rubriek B dekt de periode van arbeidsongeschiktheid na het eerste jaar. Rubriek B kent een ander arbeidsongeschiktheidscriterium dan rubriek A. In de zin van rubriek B is de verzekerde arbeidsongeschikt als hij voor tenminste 25% ongeschikt is, door medisch vast te stellen gevolgen van ongeval of ziekte, om werkzaamheden te verrichten die voor zijn krachten, bekwaamheden en opleiding zijn berekend en die gezien zijn vroegere werkzaamheden in redelijkheid van hem kunnen worden verlangd. 

Ook is het mogelijk een arbeidsongeschiktheidsverzekering te sluiten die zowel voor rubriek A als voor rubriek B bij het vaststellen van de arbeidsongeschiktheid alleen rekening houdt met het eigen beroep van de verzekerde. 

De premie is gebaseerd op beginleeftijd en eindleeftijd, beroep werknemers, verzekerd bedrag en soort verzekering.

Verzekeringen voor bedrijven